E-health in ggz kan beter. Mix van persoonlijk en digitaal ‘t beste


<p>Titus Beentjes thuis tijdens de beantwoording van de vragen. (eigen foto)</p>

Titus Beentjes thuis tijdens de beantwoording van de vragen. (eigen foto)

(Foto:Eigen foto)

E-health in ggz kan beter. Mix van persoonlijk en digitaal ‘t beste

Deventer - Titus Beentjes (1958) is aan het Radboudumc in Nijmegen gepromoveerd op het onderwerp e-health en ernstige psychische aandoeningen. Bij e-health is er via de computer op afstand contact tussen cliënt en behandelaar.

Door Leo Polhuijs

De presentatie van Beentjes was helemaal in lijn met zijn onderzoek- op afstand. ‘’Ik was thuis, in Nijmegen zaten twee professoren in de zaal om vragen te stellen. Ook werden er vragen door andere professoren gesteld, vanuit hun woning. Toch spannend, je weet nooit wat er gevraagd wordt. Maar het viel mee. De vraag wat beter is - persoonlijk contact of digitaal - is lastig te beantwoorden en hangt af van de individuele situatie van de cliënt en zijn aandoening. Er zijn mensen die liever persoonlijk het gesprek aangaan, zeker bij contacten met lotgenoten. Anderen kiezen voor beeldbellen. Zeker in deze coronatijd voelen mensen met bijvoorbeeld sociale angst of smetvrees zich thuis beter op hun gemak dan op een kantoor waar ze anderen ontmoeten. Overigens merk je dat in het algemeen het aantal mensen met psychische klachten die veroorzaakt worden door de coronamaatregelen, toeneemt.’’ Het onderzoek werd uitgevoerd in de periode 2015 - 2016.

‘’De uitkomsten zouden er nu wat anders uitzien. E-health was toen nog niet zo geaccepteerd. Bovendien heeft corona de ontwikkelingen versneld. Cliënten komen zo min mogelijk op kantoor om het aantal contacten te beperken en worden dan via de computer begeleid. Bij mensen met ernstige psychische aandoeningen blijft het gebruik van e-health achter. Vaak worden ze zo overweldigd door hun aandoening en zo snel afgeleid door de prikkels die ze via de computer krijgen, dat ze er maar moeilijk toe komen, achter het beeldscherm te kruipen of een webcam in te schakelen. Vaak hebben ze deze apparatuur niet eens. Deze groep heeft extra begeleiding nodig om met computers om te leren gaan.’’

Hulpprogramma’s

Uit Beentjes’ onderzoek blijkt dat de toegevoegde waarde van e-health voor de doelgroep nog niet goed te meten is, mede door het geringe gebruik. Er zijn diverse digitale hulpprogramma’s. Beentjes heeft zelf ook zo’n programma geschreven. ‘’Het voordeel van e-health is dat mensen bereikbaar zijn op plekken en momenten die hen het beste uitkomt. Nu kan het natuurlijk wel zijn dat het gebruik weer afneemt als de coronacrisis voorbij is. E- health is ook geen doel op zich, maar een manier om mensen te helpen. Op de achtergrond van het onderzoek speelt ook een economisch aspect mee. Inzet van e- health zou een besparing op het aantal arbeidsuren kunnen opleveren waardoor meer mensen behandeld kunnen worden en wachttijden verkort. De gegevens die naar voren zijn gekomen, worden nu verder uitgerold. Een conclusie uit mijn onderzoek is dat ingezet moet worden op een mengvorm van persoonlijk en digitaal contact.”

Meer berichten

Het lokale nieuws in uw mailbox ontvangen?

Aanmelden