Foto:

Hub Gielkens vertrekt bij 'Thuis Sterven': 'Zelfs vergaderen was altijd prettig!'

Deventer - Gemengde gevoelens overheersen bij Hub Gielkens (73) nu het eind van zijn voorzitterschap bij Stichting Thuis Sterven Z-W Overijssel in zicht is. De organisatie staat en zijn opvolger kan het stokje vanaf januari probleemloos kan overnemen. Het geeft bovendien een goed gevoel dat de stichting onder zijn hoede veel stervenden, familieleden en mantelzorgers heeft kunnen bijstaan. Maar de mensen zonder wie hij het allemaal niet had kunnen doen, gaat hij toch wel vreselijk missen. "De lijnen waren kort en de sfeer informeel. Zelfs het vergaderen was altijd prettig!"

Door Bert Nijenhuis

Een baan in de zorg bracht Gielkens in 1980 van Kerkrade naar Deventer. Hij was net gepensioneerd als hoofd bij Carinova toen hem veertien jaar geleden de vraag werd voorgelegd of hij voorzitter wilde worden van Stichting Thuis Sterven Z-W Overijssel. "Daar hoefde ik niet lang over na te denken", zegt hij met een tongval die zijn Zuid-Limburgse herkomst verraadt. "Dit was een van de eerste regio's waar deze zorg werd aangeboden. Het idee kwam van een verpleegster, die haar terminale man als mantelzorgster had verzorgd. Mijn eerste taak was het bestuur op orde brengen, want daar was weinig van over."

Hoofddoel van de stichting is terminale patiënten in de thuissituatie ondersteunen en daarmee mantelzorgers en familie werk uit handen nemen. "Dat betekent veel waakdiensten draaien", vervolgt Gielkens. "Werkzaamheden lopen uiteen van het maken van een praatje tot het opschudden van kussens. Wij komen pas de allerlaatste periode in beeld. Het komt zelden voor dat we vier weken dezelfde patiënt bijstaan, hoogstens een week of twee." Gielkens zegt trots te zijn op de handelingssnelheid van de stichting. "Als er een hulpvraag binnenkomt, hebben we in pakweg negentig procent van de gevallen binnen 48 uur zorg geregeld en zijn we binnen 24 uur ter plekke. Twee betaalde coördinatoren maken dit mogelijk."

Voor de rest draait de stichting op de belangeloze inzet van vrijwilligers, momenteel zijn dat er 26. "Eigenlijk hebben we er nog vier nodig. Het betreft voornamelijk nachtelijk werk, dus voor de meeste werkende mensen is het te zwaar. Daardoor zijn we vooral afhankelijk van gepensioneerden. De meeste vrijwilligers hebben in de familie te maken gehad met stervensbegeleiding en weten goed waar ze aan beginnen." Voor Gielkens zelf hebben de werkzaamheden altijd vooral bestaan uit het leggen en onderhouden van contacten, visies ontwikkelen en het draaiende houden van de organisatie. "Het zwaarste en meest onzekere jaar was 2014, toen een groot deel van de zorg op het bordje van de gemeenten kwam. Uiteindelijk is de overheid ons blijven financieren en doet dat in elk geval nog tot 2021. Wellicht zijn de gemeenten vervolgens alsnog aan zet, dus ook de contacten met Deventer, Olst/Wijhe en Holten/Rijssen moeten we warm houden."

De scheidend voorzitter heeft het volste vertrouwen in zijn opvolger, voormalig Landbouwhogeschool docent Henk Jansen. "Ik ga hem zeker niet voor de voeten lopen of ongevraagd advies geven." Niet dat dit onmogelijk zou zijn, want Gielkens zegt niet terug te keren naar Limburg. "Ik ben ondertussen volledig geworteld in Deventer, dat bovendien mooi centraal ligt ten opzichte van Utrecht en Groningen, waar mijn kinderen wonen."

Gielkens voorziet na zijn afscheid geen opdoemend zwart gat. "Ik ga weer meer tijd besteden aan schilderen. Verder zing ik in een koor, ik biljart met de buurman en zit bij een clubje van vier mannen dat geregeld bij elkaar komt om te filosoferen. Ik fiets graag langs de IJssel en verheug me erop mijn kleinkinderen wat vaker te zien. Nee, ik zal me zeker niet vervelen!"

Meer berichten