Foto: Foto:

Column Jannah Wijffels: Griepvirushaasje

  Column

Deze week was ik aan de beurt. Zo zeggen ze dat hier in Overijssel. Als je aan de beurt bent, dan ben je het haasje. Het griep-virus-haasje in mijn geval. Afgezien van het lijden, geeft zo'n weekje griep vaak ook een gelegenheid om te mijmeren. Je laat je dagelijkse ritme even varen. Afspraken vervallen, waardoor er heel veel nietsigheid ontstaat om in te verblijven, zoals mijn geliefde dat uitdrukte.

Maar daar begon een nieuw probleem: juist in die nietsigheid ontstaan bij mij vaak goeie ideeën. Ik probeerde zo weinig mogelijk te Netflixen en te facebooken om de spark van inspiratie op te kunnen vangen. Mijn hoofd is namelijk nooit ziek. Dat wil altijd weer iets ondernemen. Het liefst iets nieuws. Of tenminste iets creatiefs dat al lang sluimert. Zo borrelden er oude plannetjes omhoog waar ik de laatste tijd niet aan toe gekomen was: schrijven, tekenen, gitaar spelen. Die kon ik nu mooi uitvoeren.

Dacht ik. Het lijf zei onmiddellijk nee. 'Nu even niet!' Mijn hoofd bleef verbluft achter. 'Ja maar, dat vind jij toch ook leuk?' Ik besprak mijn verwarring en frustratie met mijn geliefde, die mij een spiegel voorhield. Hij kent me al aardig, na een half jaar. Ik blijk het bijzonder moeilijk te vinden om niet iets nuttigs te doen.

Van jongsafaan heb ik dat al. Ondanks al mijn training op het gebied van mindfulness en spelen, laat ik mij blijkbaar nog steeds hoofdzakelijk leiden door efficiëntie, nut en zingeving. Dus ik besloot op de bank te gaan zitten en deed even helemaal niets.

Ik hoorde de regen tegen de ruiten, de auto's over het natte wegdek, het beieren van de Lebuïnus. Verder niets. Ik moet toegeven: het lukte me niet. Want voor ik het wist was er weer een column geboren.

Meer berichten