Foto:

Column Jannah Wijffels: Landleven

  Column

Hoe mooi het is. En hoe ver. Op die camping in Bathmen. Daarover wil ik schrijven deze week.

De weg erheen leek eerst heel lang, maar met bus en vouwfiets ben je er binnen drie kwartier. Fietsend doe je er een uurtje over. Via Colmschate ben je er met een beetje geluk zelfs in 35 minuten. Dat valt dus alleszins mee. De route via Schalkhaar vind ik echter mooier.

Toen het nog zo heet was, ben ik een keer om half 6 van de camping naar de stad gefietst. Over het land lag een waas van dauw die geen dauw meer was. Het oranje zonnetje achter mij, dat fluks de heldere hemel beklom, gaf het geel en groen van de landerijen frisse gouden randjes.

De weg van land naar stad meandert om eenvoudig ingerichte erven met boerderijen die er vermoedelijk al 100 of 200 jaar staan. Het lijkt of er in al die tijd weinig is veranderd.

In de eerste bocht staan drie appelbomen langs de weg. Ze laten hun vruchten uitnodigend vallen. Het ziet er niet naar uit dat de eigenaar de appels raapt. Later die dag, op de terugrit, voel ik me vrij er een paar mee te nemen.

Diezelfde avond sta ik de wastafels te poetsen. Dat is de deal die ik heb met de beheerders Wim en Ineke: samen met een vriendin houd ik het sanitair schoon in ruil voor een plek op de camping.

Uit de schuur klinkt een live-versie van 'morning has broken': het is de wekelijkse repetitieavond van de plaatselijke band. Terwijl ik zo bezig ben, merk ik dat ik glimlach. Het leven is goed op het Sallandse platteland.

Meer berichten