Foto: Gerreke van den Bosch

Go-Ahead in oorlogsjaren: 'Boerenkoolvoetballers' grijpen de titel

  Sport

Deventer - Voetbal is oorlog…maar hoe is het voetbal tijdens de oorlog? Herman Starink vertelt er over in zijn nieuwste boek 'Kampioenen '14-'18. In die periode pakte Go-Ahead als eerste voetbalploeg vanuit het 'plebs' de felbegeerde landstitel.

Door Gerreke van den Bosch

,,Het is haast niet te geloven dat dit lukte zonder samen te trainen. De jongens stonden zes dagen per week op de steigers of in de fabriek en op zondag werd er dan samen een potje gevoetbald", vertelt de voorzitter van 'Niet te kraken'. Go-Ahead begon eerst te spelen op het UD veld langs de IJssel en later in Diepenveen (1906). Na het kampioenschap van Nederland in 1917 werd besloten voor een nieuwe plek met bouwmogelijkheden. Op de huidige plek werd in 1920 de Adelaarshorst geopend.

In menig opzicht zorgde de Eerste Wereldoorlog voor grote veranderingen. ,,Op de groene mat streden vier clubs om de eer voor de stad en de club. Landskampioenen Sparta (1915), Willem II (1916), Go-Ahead (1917) en Ajax (1918) hebben allemaal hun eigen identiteit en verhaal dat wordt verteld in het boek. Vier clubs die nog steeds actief zijn in het betaalde voetbal. Ze staan symbool voor het Nederlandse voetbal in de 20ste eeuw. Voetbal was vóór de oorlog nog een elitesport die alleen deftige landskampioenen uit de grote steden van West-Nederland voortbracht. Tijdens de Eerste Wereldoorlog ontwikkelde het zich tot een landelijke volkssport voor alle lagen van de bevolking. Het was Willem II die als eerste met de eer ging strijken. Ze versloegen in een thuiswedstrijd Go-Ahead. Maar de Deventenaren vochten zich terug naar de top en pakten in 2017 de landstitel. Dat een club uit het Oosten de landstitel won was destijds een unicum en dan ook nog een echte arbeidersclub! Er werd schande over gesproken want de club uit Moskou aan de IJssel speelde volgens de pers veel te ruw. Ik denk dat daar zeker een kern van waarheid in rust. Er was in ieder geval een hele andere visie op sport", weet Starink die al eerder een boek over zijn favoriete club schreef.

'Kampioenen '14-'18, Voetbal in neutraal Nederland' kwam tot stand in samenwerking met Anton Slotboom (Sparta), Roger Rossmeisl (Willem II) en Menno Pot (Ajax). ) Samen reconstrueren zij het verhaal van de oorlogslandstitels. Daarmee geven de auteurs inzicht in de staat van het Nederlandse voetbal in de schaduw van de 'Grote Oorlog'. Zo bouwde Sparta het eerste moderne clubstadion en haalde Willem II de landstitel voor het eerst naar het zuiden. Go-Ahead was de eerste arbeidersclub die de landstitel greep, met een geïnterneerde Engelsman als sterspeler. Ook Ajax kreeg hulp van een Engelse oorlogsvluchteling, Jack Reynolds.
 

,,Go-Ahead had de beschikking over James Miller, een geïnterneerde Engelse soldaat. Hij maakte onderdeel uit van de bataljons die de haven van Antwerpen moesten verdedigen. Dit mislukte en de Engelsen vluchtten naar Nederland. Comfortabel hadden ze het niet in de vier jaar dat ze hier bivakkeerden maar ze hadden wél grote bewegingsvrijheid. Zo kregen ze ruimte op te cricketten en voetballen. Miller kwam in Deventer terecht en bleek een sensatie te zijn tussen de 'boerenkoolvoetballers'. In Engeland had men toen al profvoetbal. Ik denk dat Go Ahead zonder hem geen landskampioen was geworden."

Meer berichten

Shopbox